TopsportSport & gezondheid

Advies Urban Sports

Advies Urban Sports

Maak urban sports tot speerpunt van beleid: ze brengen meer Amsterdammers in beweging en verbinden zich sterk met urban culture en andere maatschappelijke domeinen.

In het kort

  • Urban sports bereiken meer Amsterdammers en brengen hen in beweging.
  • Deze sporten verbinden zich sterk met andere domeinen en urban culture.
  • Bouw voort op eerder advies over anders-georganiseerde sport (2015).

De Sportraad adviseert de gemeente om urban sports als speerpunt van beleid te ontwikkelen. Het advies is gebaseerd op uitgebreide expertsessies met vertegenwoordigers van de urban sports-gemeenschap in maart en oktober 2020.

Urban sports zijn niet alleen belangrijk voor de sportdeelname, maar hebben ook sterke verbindingen met andere maatschappelijke domeinen en met urban culture. Ze passen bij de creativiteit en het ondernemerschap die het eigentijdse karakter van Amsterdam bepalen.

De raad bouwt hierbij voort op zijn eerdere advies over anders-georganiseerde sport (2015), dat aandacht vroeg voor de sociale sportondernemers in de stad.

Het volledige advies

18 min leestijd 12 pagina's

Advies Urban Sports

Aanleiding

De gemeente Amsterdam wil van Urban Sports (US) een speerpunt maken in haar beleid omdat ze steeds populairder worden onder jongeren. Het college werkt daarvoor aan een actieplan Urban Sports 2020-2025, waarmee betere faciliteiten, een goede programmering en aansprekende evenementen moeten worden gerealiseerd.

Urban Sports (US) is een verzamelterm, voor vormen van sporten en bewegen zoals skateboarding, breakdance, bmx, calisthenics, inline skaten, straatvoetbal, freerunning, hiphop, tricking, boulderen en 3x3 basketbal.

Wethouder Sport Simone Kukenheim omschreef US treffend tijdens de online sessie in Pakhuis de Zwijger (26 juni 2020):

“Sporten die de stad als podium gebruiken, die niet altijd de kaders gebruiken zoals we die kennen in meer traditionele sporten. Er zit een enorme lifestyle component aan en verbondenheid met grootstedelijke jongerencultuur. Het gaat om grenzen verkennen. Het is uitdagend en spannend. Jongeren zijn spelenderwijs de stad zich eigen aan het maken. Altijd een combinatie van community en individuen.”

De Sportraad Amsterdam is door de wethouder Sport gevraagd om het stadsbestuur van advies te voorzien over het te ontwikkelen US beleid. We doen dat graag. US zijn niet alleen een belangrijke pijler voor de sportparticipatie in onze stad, deze takken van sport bezitten in onze ogen de potentie om nog meer Amsterdammers te bereiken en in beweging te krijgen. Veel meer dan andere sporten zoeken en vinden ze verbinding met andere domeinen en is het een krachtig onderdeel van Urban Culture. Hun creativiteit en pionierend ondernemerschap geven smoel aan een eigentijds Amsterdam.

In 2010 gingen we voor dit thema al eens filmend langs US locaties in de stad. Dat leidde tot goede gesprekken en videobeelden van jongeren, actief in het bmx, tricking, freerunning, breakdance en skateboarden. Een aantal jaar later adviseerden we in bredere zin over wat we toen noemden Anders Georganiseerde Sport (AGS - 2015). In dit advies vroegen wij aandacht voor de sociale sportondernemers in Amsterdam, waarvan velen actief zijn in US.

Uiteraard hechten wij bij onze advisering veel waarde aan de expertise en ervaring uit het veld. Het afgelopen half jaar hebben we veel gesprekken gevoerd met verschillende vertegenwoordigers en beoefenaars van de Urban Sports community. In maart 2020 organiseerden we een eerste expertsessie. In oktober 2020 sloten we de serie van gesprekken af met een speciale online themasessie met de wethouder Sport. Dat traject heeft veel waardevolle informatie opgeleverd die we hierbij graag met het stadsbestuur delen.

We willen niet onbenoemd laten dat we tijdens de gesprekken veel energie en enthousiasme ervaarden bij sporters en aanbieders om hun takken van sport samen met de gemeente Amsterdam verder te laten groeien en bloeien. Er is onder hen veel waardering voor de wijze waarop de gemeente zich het afgelopen jaar zowel bestuurlijk als ambtelijk heeft verdiept in deze gemeenschappen. Er lijkt een goede relatie te zijn opgebouwd.

We hebben als Sportraad uit al onze gesprekken de volgende aanbevelingen gedestilleerd. Deze kunnen helpen bij de verdere ontwikkeling van US en de positionering van US in het Amsterdamse sportbeleid:

Gelijk speelveld

De Sportraad constateert dat op dit moment geen gelijk speelveld bestaat binnen de gemeentelijke sportinfrastructuur. Voor de georganiseerde sport in Amsterdam is meer mogelijk in relatie met de gemeente. Dat valt soms wel, maar niet altijd goed uit te leggen. De verenigingssport kan vaker gebruik maken van gemeentelijke voorzieningen, tegen gunstigere tarieven en op betere tijden. Ze kunnen aanspraak maken op subsidiering en ondersteuning, bijvoorbeeld in de vorm van de eenderderegeling voor clubgebouwen. Dit zijn nuttige en noodzakelijke beleidsinstrumenten waar Urban Sports weinig tot geen toegang tot hebben. Het sportbeleid concentreert zich nog te veel op verenigingen alleen.

“Zie je het voor je? Eerst statuten opstellen, een penningmeester en secretaris zoeken en dan met zijn allen vergaderen zeker. Dat is mijn wereld niet.”

Het sportlandschap van Amsterdam ontwikkelt zich snel. Nieuwe aanbieders en organisatievormen bieden andere aantrekkelijke vormen van sport aan. Zij blijken zich nauwelijks nog te organiseren volgens de bekende structuren. Het verenigingsmodel is bij oprichting voor de meesten geen optie. Hoewel de maatschappelijke impact veelal voorop staat, kiezen zij uit pragmatische overwegingen voor een meer commerciële insteek. Zonder uitzondering worden zij echter gedreven door hun passie voor US en beogen ze niets anders dan anderen daarmee aan te steken en zodoende nog meer Amsterdammers te activeren en verbinden.

“Het is voor velen van ons een wereld van liefdewerk oud papier”.

Amsterdam kent inmiddels een groot bestand aan sportieve sociale ondernemers met verschillende rechtsvormen. Daartoe behoren enkele grotere organisaties, maar veelal zijn het kleine partijen, freelancers en éénpitters. Deze organisatievormen blijken een samenwerking met de gemeente vaak te belemmeren. Tegelijkertijd zijn het wel belangrijke partners die in Amsterdam grote maatschappelijke impact hebben. De opkomst van dit type sportaanbieders is een ontwikkeling die al een tijd gaande is en waar het sportbeleid, met een gemeente als belangrijke facilitator en aanjager, in mee zou moeten en willen veranderen.

Aanbeveling 1: Creëer voor sociale sportondernemers, waaronder US aanbieders een gelijker speelveld, bijvoorbeeld door ze te categoriseren als maatschappelijk sportaanbieder en ze als volwaardig partner te betrekken bij het sportbeleid en de uitvoering;

Het streven naar een gelijker speelveld is onze overkoepelende aanbeveling. Hierna volgen drie deelgebieden waarvoor we meer specifieke verbeterpunten aandragen, te weten:

  1. accommodaties en voorzieningen (hardware);
  2. de keten van breedte tot topsport (software);
  3. Samenwerken en versterken van organisaties (orgware).

01. Hardware: samen naar meer en betere voorzieningen

De openbare Urban Sportzone op het Zeeburgereiland is sinds de recente opening een ongekend succes gebleken. Het laat zien dat de gemeente een dergelijk complex project kan plannen en uitvoeren en dat de openbare ruimte zich uitstekend leent als speelveld voor US. In dat proces is dankbaar gebruik gemaakt van de kennis en ervaring uit de community en dat is er echt aan af te zien. Amsterdammers maken er massaal gebruik van. De populariteit van deze nieuwe iconische hotspot zorgt zelfs op andere plaatsen in de stad voor toenemend gebruik. Zijn we met de oplevering van de Urban Sportzone nu klaar in Amsterdam? Nee, allesbehalve dat.

Indoor accommodaties

Vrijwel alle US aanbieders geven aan dat er meer indoor-accommodaties nodig zijn om de US verder te kunnen laten groeien en de organisaties te verstevigen. US zijn lang niet altijd buiten te beoefenen. Een aantal US wordt voornamelijk binnen beoefend, omdat ze afhankelijk zijn van goede ondervloeren, matten of springkuilen. Dat is een omgeving waar je veiliger nieuwe tricks kunt oefenen. Ook binnen de dans zijn er specifieke locatiewensen die buiten onvoldoende vervuld kunnen worden. Maar misschien wel de belangrijkste reden dat we pleiten voor meer en betere indoorlocaties is omdat alle US niet meer beoefend kunnen worden op het moment dat de ondergrond of het materiaal nat en glad is geworden door regenval of kou. Door deze afhankelijkheid van het weer is het ook lastig structureel aanbod te verzorgen het hele jaar door. Daarnaast is het in een indoorlocatie makkelijker om toezicht te houden op gebruik en inrichting en kun je (les)materialen opslaan. Bovendien kunnen verschillende gebruikerstypen vanwege eigenaarschap beter worden gescheiden. Dat is voor trainers prettig en veilig werken. De extra voorzieningen bij een indoorlocatie zoals horeca en groepsruimtes versterken het geheel, zoals een clubhuis van vitaal belang is voor het verenigingsleven.

“De stad is ons speelveld…… bij mooi weer”.

Vast onderdak komt de stabiliteit en continuïteit van de sport en de aanbieders ten goede. Een succesvolle US indoorlocatie functioneert bovendien als een broedplaats die niet alleen gebruikt wordt voor sport. Het is ook een muzikale en culturele hub. De creatieve en artistieke lifestyle die samenhangt met US zal zich hieromheen organiseren en ontwikkelen. Het is belangrijk deze crossovers te faciliteren. Hierbij zou veel meer toenadering gezocht kunnen worden tot andere beleidsterreinen uit het Sociaal Domein. US zijn onlosmakelijk verbonden met Urban Culture en daarmee niet enkel onderdeel van sportbeleid.

De zoektocht naar ruimte is – met beperkte middelen - geen eenvoudige opgave in Amsterdam. Betaalbare ruimtes zijn voor de meeste US aanbieders lastig te vinden. Gemeentelijke sportlocaties zijn niet altijd geschikt of beschikbaar (zie ook Gymzalen). Huurprijzen in de zakelijke markt zijn veelal te hoog en zelfstandig voorzieningen ontwikkelen is vrijwel onmogelijk. Zeker gezien het aantal vierkante meters dat veel van deze sporten nodig hebben. Net als bij andere sporten heeft de gemeente de verantwoordelijkheid bij te springen. Hiervoor zullen verdeeld over de stad meerdere US indoorlocaties gerealiseerd moeten worden. Deze behoren net als sporthallen, -parken en zwembaden onderdeel uit te maken van de gemeentelijke sporthuisvestingsplannen.

De gemeente hoeft dit niet alleen te doen. Diverse Amsterdamse US partijen zijn bereid en in staat hier gezamenlijk invulling aan te geven. Voor kleinere voorzieningen volstaat veelal een eenmalige gemeentelijke opstartsubsidie. Er is echter ook behoefte aan een aantal grote Urban indoorcentra, waar meerdere disciplines terecht kunnen en de breedte en de top samenkomen. Hier kan op WK niveau worden getraind en is ruimte voor topsportondersteuning waarover Amsterdam met zijn CTO’s al beschikt.

Aanbeveling 2: Investeer (samen met de community) in meerdere Amsterdamse US indoorlocaties;

Aanbeveling 3: Integreer US (indoor & outdoor) in het Strategisch Huisvestingsplan Sport en ontwikkel een ruimtelijke visie die aansluit bij de huidige behoefte en de potentie/ambitie in kaart brengt;

Het is belangrijk dat de huisvestingsbelangen van de gemeente en de sector samengebracht worden. De ene streeft naar optimaal ruimtegebruik, lage investeringen en een eenvoudig beheermodel (vgl. sporthal). De ander wil de sport en jongerencultuur laten groeien, ondernemen en creëren. Dit kan hand in hand gaan, maar vergt wel op voorhand een aantal duidelijke keuzes over onder meer de doelgroep (welke disciplines, alleen breedte of ook top) en het doel (geschikt voor evenementen, cross-overs met cultuur). Aan de hand hiervan kunnen locatie, omvang, ontwerp, inrichting, configuratie, governance en exploitatie van (indoor)accommodaties bepaald worden.

Aanbeveling 4: Maak bij ontwerp en inrichting duidelijke keuzes ten aanzien van doelgroep en doel en betrek de community vanaf het begin hierbij;

Gymzalen

Diverse urban sportaanbieders maken gebruik van gemeentelijke sportaccommodaties, doorgaans gymzalen (deze zijn beter betaalbaar). Amsterdam bouwt de komende jaren nog tientallen nieuwe gymzalen. Het is zinvol hierbij rekening te houden met gebruik door US. Zo zouden onder meer het ontwerp, de inrichting en opslagmogelijkheden aangepast kunnen worden. Dit vraagt om maatwerk, waarbij per gymzaal een specifiek US profiel kan worden gekozen. De ene zou dan meer gericht kunnen zijn op dans, de ander op 3x3 of parkour. Zo ontstaan verdeeld over de stad hotspots die buiten schooltijd en in het weekend voor uiteenlopende US disciplines kunnen worden gebruikt als broedplaats. Op deze manier kunnen US ook beter worden geïntegreerd in het bewegingsonderwijs en naschools sportaanbod.

Aanbeveling 5: Houd bij de inrichting van nieuwe gemeentelijke gymzalen (en sporthallen) rekening met gebruik door US;

Huurtarieven

Eerder bleek al dat het voor US aanbieders lastig is accommodaties te vinden, zeker in een (dure) stad als Amsterdam. Waar andere sporten gebruik kunnen maken van gemeentelijke sportlocaties, is dit voor US aanbieders een stuk moeilijker. Ze kennen geen voorrangspositie en hen wordt vrijwel altijd het commerciële tarief gerekend, dat twee tot driemaal hoger ligt dan het verenigingstarief. De huisvestingskosten trekken zodoende een zware wissel op het businessmodel en zorgen voor relatief hoge deelnamekosten. Veel aanbieders werken daardoor noodgedwongen buiten, in tijdelijke situaties (anti-kraak) of huren onder bij verenigingen. In alle gevallen is het een erg fragiel en onzeker bestaan.

Aanbeveling 6: Creëer voor de sociale sportondernemer een aparte huurderscategorie met tarieven die meer in lijn zijn met die van verenigingen;

Dat het een onzeker bestaan is wanneer je bedrijfs- of maatschappelijke ruimtes huurt in de markt zien we bijvoorbeeld bij stichting Skatepark Noord. Zij strijden al meer dan twintig jaar voor een duurzame toekomst voor het indoor skateboarden in Amsterdam. Hierbij hebben zij inkomsten uit commerciële activiteiten en horeca hard nodig. Alleen zo kunnen zij hun accommodatie rendabel exploiteren en sportactiviteiten toegankelijk en betaalbaar houden. Dit betekent wel dat extra hoge eisen worden gesteld aan bijvoorbeeld het professionaliseren van de organisatie. En het vraagt ook om een flexibele overheid die vergunningen verstrekt om horeca en evenementen mogelijk te maken.

Voor het huisvestingvraagstuk met hoge huurtarieven en investeringen zijn dit type sociale ondernemers, in hun relatie met de gemeente, geholpen met een hybride model. Een model waarbij zij enerzijds de ruimte krijgen om te ondernemen, maar anderzijds ook via opstart-, accommodatie- of exploitatiesubsidies gedeeltelijk gefaciliteerd kunnen worden door de gemeente en eventuele andere stakeholders. Dit is goed te verantwoorden, juist vanwege de maatschappelijke functie die deze sociale sportondernemers vervullen.

Aanbeveling 7: Ontwerp een hybride model voor sociale sportondernemingen dat indirecte subsidiering via accommodatiehuur mogelijk maakt;

Openbare voorzieningen

In Amsterdam kunnen we een aantal US locaties aanwijzen waar niemand echt blij van wordt en te weinig mensen gebruik van maken. Dit komt meestal doordat gebruikers onvoldoende zijn betrokken bij het ontwerp en uiteindelijk is gekozen voor een compromis. Van alles wat betekent in de praktijk voor niemand iets. Het lage gebruik wordt de sport vervolgens aangerekend. Het is daarom belangrijk om bij het ontwerp kwaliteit te verkiezen boven kwantiteit. Dat is ook wat we moeten leren van het succes van de Urban Sportzone op Zeeburgereiland. Een park van gelijke omvang is niet op veel plaatsen in de stad te realiseren, maar die kwaliteit wel.

“Leg die budgetten van die stadsdelen nu eens bij elkaar, dan heb je voldoende voor een echt goed ontwerp, in plaats van de volgende postzegel met een paar toestellen. Is er nou niemand die daarop toeziet?”

Om ervoor te zorgen dat US voorzieningen in de openbare ruimte optimaal worden gebruikt moet je verder kijken dan alleen de sporttechnische invulling. Het blijft een uitdaging om die sportlocaties een sfeer van veiligheid en toegankelijkheid te geven. Zo ervaren nieuwkomers, maar zeker ook (jonge) meiden regelmatig drempels. Als het doel is dat kinderen les krijgen op bepaalde buitenlocaties dan moeten ze daar ook voor ingericht zijn. De Urban Sportzone op Zeeburgereiland komt bijvoorbeeld aan veel gebruikerswensen tegemoet, maar voor lessen leent het terrein zich wat minder goed.

Daarnaast ontbreekt het op een aantal plekken in de stad aan belangrijke basisvoorzieningen, zoals (vrouwen)toiletten, verlichting en kluisjes. Richt openbare spots in voor een mix van doelgroepen en leeftijden (van schommel tot halfpipe). Dat versterkt het gevoel van veiligheid. Betrek meerdere perspectieven bij het ontwerp: US trainers, sporters (m/v), ouders, ouderen. En kijk ook naar de mogelijkheden om US te integreren in bestaande sportparken. Mits goed uitgevoerd, kunnen alle partijen profiteren van functiemenging op deze vaak nog monofunctionele parken.

Aanbeveling 8: Gebruik bij het ontwerp van openbare voorzieningen de kennis en kunde van meerdere potentiële gebruikersgroepen en investeer in een veilige en (vrouw)vriendelijke omgeving;

Kitesurfen - Urban watersports

Amsterdam is een waterrijke stad met een relatief grote en groeiende kitesurf community. Amsterdamse kiters wijken nu nog uit naar locaties in de regio, aan de kust en op het IJselmeerse binnenwater. Tot 2018 werd kiten op IJburg gedoogd. Daarna volgde een verbod vanwege de werkzaamheden rond Centrumeiland en IJburg 2. De gemeente is voornemens om te onderzoeken of IJburg op termijn als geschikte kitesurflocatie kan dienen. Dat zou volgens De Nederlandse Kitesurf Vereniging uitkomst bieden voor veel Amsterdamse kiters. Wat ons betreft past die verkenning uitstekend in de Amsterdamse US agenda.

02. Software: investeer in de hele keten van breedte- tot topsport

Sportstimulering

Aanbieders van US worden steeds vaker door de gemeente gevraagd om activiteiten te organiseren in de wijk of op school. Ook programma’s zoals Topscore hebben hun aanbod op het voortgezet onderwijs vernieuwd en voegen steeds meer US (aanbieders) toe. Dit helpt de verschillende disciplines in de breedte groeien en zorgt tegelijkertijd voor meer financiële zekerheid bij aanbieders. Toch kiezen stadsdelen soms nog voor de eenvoudige weg door opdrachten te geven aan de grotere welzijns- en sportstimuleringspartijen in de stad. Niet alleen zijn deze vaak minder thuis in de specifieke tak van sport en community, ook werkt dit onwenselijke concurrentie in de hand. Urban Sportaanbieders kunnen ook veel beter follow up verzorgen, zodat het niet bij een eenmalige kennismaking blijft als de belangstelling gewekt is.

Aanbeveling 9: Zet aanbieders uit de community in voor het uitvoeren van US activiteiten in het kader van gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s;

Stadspas/Jeugdfonds sport

In Amsterdam groeien 30.000 kinderen op in minima huishoudens. Zij maken aanspraak op vergoeding voor sport- en cultuuractiviteiten via de Stadspas en Jeugdfonds Sport of Cultuur. In het jaarverslag 2019 van het Amsterdamse Jeugdfonds Sport zien we echter nog nauwelijks US aanvragen terug (slechts 15 x freerunning op een totaal van 10.000 bemiddelde aanvragen). Het Amsterdamse Jeugdfonds Cultuur heeft een beter bereik met circa 1000 aanvragen voor dans (0a. breakdance, hiphop). Op de lijst met aangesloten aanbieders per stadsdeel zien we binnen een aantal takken van US weinig aanbieders terug. Het lijkt de moeite waard om verder te onderzoeken of dit proces voor de US nog verbeterd kan worden en waar eventuele knelpunten zich bevinden.

Aanbeveling 10: Vergroot en promoot de mogelijkheden voor kinderen om via stadspas/JFS deel te nemen aan US activiteiten;

Urban Sports als middel

US kunnen jongeren die te maken krijgen met werkloosheid, schooluitval of andere tegenslagen weer richting en perspectief geven. Daar zijn diverse betrokkenen het over eens. Amsterdam kan US nog meer inzetten als vindplaats en ontwikkeltraject. Dat gaat verder dan sport. Maak de US organisaties, die zich daarbinnen hebben bewezen, onderdeel van de aanpak die (kwetsbare) jongeren helpt bij maatschappelijke participatie.

Topsport/talentontwikkeling

Talentontwikkeling en topsport worden wereldwijd steeds vaker als vanzelfsprekend onderdeel gezien van de hele urban sportinfrastructuur. Dat past bij de ontwikkeling die ze doormaken van subcultuur naar een meer mainstream sport. Dat proces wordt versneld doordat veel takken van Urban Sports aan het Olympische (aanvullende) programma zijn toegevoegd (Tokyo 2021, Parijs 2024).

Het zijn echter nog relatief jonge sporten. Aan de topsportcultuur en -organisatie moet nog verder worden gebouwd. US zullen die stappen op dit moment alleen met steun van de overheid kunnen faciliteren en financieren. Amsterdam kan in die talentontwikkeling een waardevolle rol spelen. We zien dat nu ook gebeuren in een aantal andere Nederlandse steden. Het Amsterdamse topsportfonds en de samenwerking met Topsport Amsterdam is bij die ontwikkeling in Amsterdam een goede eerste stap en tevens een vorm van erkenning. Amsterdam moet een stad zijn waar je als urban sporter je talenten kunt ontwikkelen en verder kan doorgroeien. Daar horen programma’s en voorzieningen bij.

Aanbeveling 11: Investeer in topsportfaciliteiten voor toppers en talenten uit US en maak bestaande (CTO) talentprogramma’s voor hen toegankelijk;

Evenementen

Met de Urban Sports Week liet Amsterdam de wereld eerder al zien de US te omarmen. De huidige ambities van het college op het gebied van US horen gepaard te gaan met de (twee)jaarlijkse organisatie van dit aansprekende event. Hier moet vol op worden ingezet. Go Big or Go Home. Het 750-jarig bestaan van de stad biedt een uitstekende stip aan de horizon om Amsterdam te positioneren als mondiale Urban Sports Capital. Dit kan door de USWA uit te bouwen naar een ambitieniveau dat lijkt op dat van bewezen evenementen zoals X Games of Streetleague. Dat doe je niet alleen, maar samen. En door meerdere andere grote en kleine aansprekende Amsterdamse evenementen aan deze ambitie te koppelen, zoals Summer Dance Forever of Hooked Gathering.

Aanbeveling 12: Bouw in Amsterdam aan een mondiaal flagship US event waar ook de breedtesport van profiteert;

03. Orgware: samen voortbouwen

Samenwerking met de gemeente

Veel US aanbieders hebben moeite te achterhalen waar ze binnen de gemeente terecht kunnen met (aan)vragen. Ook hebben ze het gevoel dat ze zich regelmatig opnieuw moeten introduceren en bewijzen. Ze voelen zich onvoldoende serieus genomen, wat demotiverend werkt en leidt tot onnodige afstand tussen de gemeente en US.

De US hebben behoefte aan een vast aanspreekpunt. Een regisseur die partijen binnen de gemeente de weg kan wijzen, ze bevraagt en informeert. Iemand die partijen kan verbinden, uitvoering geeft aan het US beleid en de stad als urban hoofdstad op de kaart kan zetten. Dat moet ook een persoon zijn die binnen de gemeentelijke organisatie knelpunten bespreekt en processen versnelt. Iemand die affiniteit heeft met US, het gemeentelijk apparaat kent en de crossovers begrijpt.

Aanbeveling 13: Stel een regisseur Urban Sports aan die zich de komende vier jaar richt op samenwerking met - en versterking van de verschillende US communities;

Daarnaast is het belangrijk dat de interactie tussen de gemeente en de US, die rond de totstandkoming van het actieplan ontstaan is, behouden blijft. Veel van de experts willen graag betrokken blijven bij relevante plannen en initiatieven van de gemeente en inspraakmogelijkheden hebben bij kwesties die US aangaan. Faciliteer als gemeente die grote betrokkenheid en profiteer van hun ideeën, inzichten en adviezen. Zo borg je de betrokkenheid van de communities bij beleid en uitvoering en verbeter je de kwaliteit daarvan.

Aanbeveling 14: Richt een Urban Sports platform op waarin experts en gebruikers plaatsnemen.

Arbeidsmarkt

Er zijn voldoende jongens en meiden die hun kennis en kunde willen overbrengen als trainer/instructeur. Ze zijn bereid zich te ontwikkelen en te scholen, maar voor velen van hen is er nauwelijks carrièreperspectief. Ze steken hun tijd, energie en enthousiasme in het opleiden van onze kinderen, maar krijgen daarvoor vaak niet meer dan een bescheiden (vrijwilligers)vergoeding. Hierdoor haken veel goede trainers/instructeurs af, wat niet alleen de ontwikkeling van de sport schaadt. Het gaat ook ten koste van de kwaliteit van het aanbod en in het verlengde daarvan van een positieve sportcultuur. Uiteindelijk heeft het zelfs een negatieve invloed op de algehele sportparticipatie.

Dit probleem doet zich bij meerdere sporten in Amsterdam voor. We zullen moeten erkennen dat sporttrainer/instructeur een vak is en het ook veel meer als zodanig moeten belonen. Dit vraagt om een cultuuromslag in de hele sportsector. Dit is niet eenvoudig, maar verdient wel de aandacht van ons allemaal.

Aanbeveling 15: Bestudeer hoe we als stad kunnen bijdragen aan carrièreperspectief voor technisch sportkader, onder meer bij US.

Sportraad Amsterdam

Wie wij zijn

De Sportraad Amsterdam is een onafhankelijk adviesorgaan dat door de gemeenteraad in 1952 in het leven is geroepen om gevraagd en ongevraagd te adviseren over de hoofdlijnen van het sportbeleid in Amsterdam.

Doel

Het doel van de Sportraad is er op gericht om zoveel mogelijk Amsterdammers aan het sporten te krijgen. Door de positieve effecten van sport optimaal te benutten kunnen we bovendien een bijdrage leveren aan de vitaliteit en economische en sociale leefbaarheid van de stad.

Samenstelling

De Sportraad bestaat uit maximaal 18 leden en wordt ondersteund door het bureau van de Sportraad.

Leden

  • mw. drs. (A.G.M.) Ageeth Telleman (vz)
  • dhr. (F.J.) Frits Barend (vice vz)
  • dhr. drs. (W.) Wouter Stevens (vice vz)
  • dhr. (B.) Brian Benjamin (vz projectgroep US)
  • mw. (D.) Daphne Koster
  • mw. (M.) Marloes Coenen
  • dhr. prof. dr. (W.) Willem van Mechelen
  • mw. prof. mr. (M.) Marjan Olfers
  • mw. mr. (M.) Marianne van Leeuwen
  • dhr. (A.) Arie Boomsma
  • dhr. (Z.) Zaid El Morabiti
  • mw. (J.) Jolanda Hogewind
  • mw. (E.) Ellis van der Weerden

Secretariaat

  • dhr. drs. (J.O.R.) Julius Egan (secretaris)
  • dhr. drs. (G.J.) Gertjan Dol (beleidsadviseur)
  • dhr. (N.) Nick Romeijn MSc (beleidsadviseur)

Contact

Email: info@sportraadamsterdam.nl
Website: www.sportraadamsterdam.nl
@sportraadadam
@sportraadamsterdam

Dit is de integrale tekst van het advies, overgenomen uit de PDF. Alleen de opmaak is aangepast voor het lezen op het scherm.

Praat mee

Heb je een tip of idee voor een advies?

De Sportraad luistert naar de stad. Is je iets opgevallen, of heb je een vraag of tip? Stuur ons gewoon even een bericht.