Sport & gezondheidAccommodaties & zwemwater

Zienswijze ontwerp Omgevingsvisie 2050

Zienswijze ontwerp Omgevingsvisie 2050

De ontwerp-Omgevingsvisie 2050 besteedt te weinig aandacht aan gezondheid en bewegen; zet de vitaliteit van de Amsterdammers voorop en vertaal dat ruimtelijk.

In het kort

  • De gezondheid van Amsterdammers staat voorop.
  • Toon ambitie ten aanzien van sport en bewegen.
  • Voeg een ruimtelijke vertaling van deze ambitie toe.
  • Betrek de sportsector bij de uitwerking.

De Sportraad stelt dat de ontwerpversie van de Omgevingsvisie 2050 onvoldoende aandacht schenkt aan gezondheid en bewegen. Terwijl inactiviteit, obesitas en diabetes toenemen, zou de vitaliteit van de inwoners voorrang moeten krijgen boven economische vitaliteit.

Het advies benadrukt dat de leefomgeving cruciaal is voor een gezonde stadsontwikkeling. De raad vraagt om meer ambitie ten aanzien van sport en bewegen en om een concrete ruimtelijke vertaling daarvan in de visie.

Tot slot dringt de Sportraad erop aan de sportsector bij de verdere uitwerking te betrekken, zodat de ambitie op het gebied van gezondheid en bewegen ook daadwerkelijk wordt waargemaakt.

Het volledige advies

11 min leestijd 7 pagina's

Ontwerp Omgevingsvisie 2050 - Zienswijze Sportraad Amsterdam

Gemeente Amsterdam, t.a.v. Team Omgevingsvisie
Postbus 202, 1000AE Amsterdam

Amsterdam, 17 maart 2021

De Sportraad Amsterdam heeft met interesse kennis genomen van de Ontwerp Omgevingsvisie 2050. Met de navolgende zienswijze reageren wij hierop. De volgende hoofdaandachtspunten staan centraal:

  1. De gezondheid van Amsterdammers staat voorop
  2. Ambitie tonen ten aanzien van sport en bewegen
  3. Ruimtelijke vertaling toevoegen
  4. Ook de sport(sector) moet meedoen

1. Gezondheid voorop

Gezond en duurzaam bewegen is één van de vijf strategische keuzes waar de Omgevingsvisie op focust. Het gaat hier echter niet over de gezondheid van Amsterdammers, maar over mobiliteit. Dit is een onbegrijpelijk gemis. Onder meer inactiviteit, obesitas en diabetes nemen exponentieel toe en plaatsen de stad de komende decennia voor een grote maatschappelijke opgave1. Het is essentieel dat Amsterdam alles in het werk stelt om deze trends te keren. Niet de (economische) vitaliteit van de stad dient voorop te staan, maar de vitaliteit van zijn inwoners. We willen een stad waar mensen prettig kunnen wonen en waar ze gezond oud kunnen worden. De inrichting van de leefomgeving speelt hierbij een cruciale rol. De Sportraad adviseert met klem:

  • De strategische keuze Gezond en duurzaam bewegen uit te werken over de volle breedte van het bewegen (spelen, wandelen, sporten, etc.) in een stedelijke omgeving;
  • Een gezondheidseffectrapportage toe te voegen en daarbij ook rekening te houden met de gevolgen van de toegenomen sociaaleconomische ongelijkheid op het gebied van gezondheid;
  • Stevige ambities te formuleren ten aanzien van het stimuleren van sport en bewegen (zie volgende punten).

2. Ambitie tonen

De Omgevingsvisie straalt te weinig ambitie uit op het gebied van sport en bewegen. De visie zet in op het handhaven van de status quo en negeert daarmee de belangrijke rol die sport en bewegen speelt bij het leefbaar en aantrekkelijk houden van onze stad. Dit is een gemiste kans. Amsterdam zou dit moment moeten aangrijpen om een stad te ontwerpen die de sport- en beweegbehoeften van zijn inwoners centraal stelt en de veelzijdige kracht van sport ook op tal van andere manieren omarmt en weet te benutten. Niet alleen omdat de huidige en toekomstige generaties Amsterdammers hier van profiteren. Maar ook omdat Amsterdam zich op deze manier nationaal en internationaal kan profileren als vooruitstrevende stad die kiest voor een ruimtelijke inrichting die gezondheid en gemeenschapszin bevordert. De volgende ambities zouden in ieder geval moeten worden opgenomen:

Sportparticipatie moet omhoog

Het is niet genoeg om de sportcapaciteit mee te laten groeien met de stad. Het doel moet zijn om nog veel meer mensen aan het sporten en bewegen te krijgen. Al was het maar omdat alleen al tussen verschillende Amsterdamse wijken en buurten de sportparticipatie ver uiteen loopt2. Maar ook omdat minder dan de helft van alle Amsterdammers voldoet aan de beweegnorm, één op de vijf kinderen in onze stad overgewicht of obesitas heeft en het aantal chronisch zieken al jaren toeneemt3. Het afgelopen jaar heeft er mede voor gezorgd dat Amsterdammers steeds bewuster worden van het belang van bewegen en sporten. Dit zou de stad moeten toejuichen, verder willen stimuleren en bovenal ruimtelijk faciliteren.

Tekstsuggestie:

We zorgen niet alleen voor voldoende sportvoorzieningen voor de bewoners van de 150.000 nieuwe woningen, maar zetten ook stevig in op het verder verhogen van de sportparticipatie. Hierbij besteden we speciale aandacht aan de wijken waar de sportparticipatie nu al achterblijft door de drempels om (wekelijks) actief te kunnen sporten zoveel mogelijk weg te nemen (pag.186).

Sportnorm wordt gerealiseerd

Tot op heden slaagt Amsterdam er niet in de sportnorm daadwerkelijk te realiseren. Bij vrijwel ieder ontwikkelgebied wordt een groot deel van de ruimtelijke sportopgave doorgeschoven naar toekomstige projecten of bestaande accommodaties in de omgeving4. Ten aanzien van de laatste wordt te makkelijk voorbij gegaan aan de functie die deze accommodaties hebben voor opgaven en ambities in bestaande buurten. De Omgevingsvisie biedt bij uitstek de mogelijkheid om dit in samenhang te beoordelen en de (toekomstige) ruimtelijke opgave op overkoepelend stedelijk niveau te beantwoorden. Het is noodzakelijk daarbij concrete afspraken te maken over onder andere het minimum aan vierkante meters sport in het gebied, de maximum afstand tot voorzieningen buiten het gebied en de (financiële) koppeling tussen de oplevering van woningen en sportvoorzieningen. Hierbij is het onwenselijk dat oplossingen worden gezocht in de periferie. Het uitwijken naar randgemeenten is onbespreekbaar.

Tekstsuggestie:

In de planfase van ruimtelijke ontwikkelprojecten wordt de sportnorm volledig ingetekend (ook het deel van de voorzieningen dat buiten het plangebied valt). Bij de ontwikkeling van nieuwe stadsbuurten groter dan 1000 woningen realiseren we minstens de helft van de sportnorm voor buitensport in het gebied. De financiering komt uit het projectbudget van het ontwikkelgebied dat de extra sportbehoefte creëert. (pag. 153).

Sport blijft in de wijk

In een leefbare stad is sport om de hoek. Dit houdt niet op bij een toevallige sportschool in een plint en een trapveldje in de buurt. Nabijheid van sportvoorzieningen is één van de belangrijkste voorspellers voor sportief gedrag. Naarmate de diversiteit aan sportaccommodaties in de nabijheid toeneemt, stijgt de maandelijkse sportdeelname5. We zullen als stad meer moeten doen om ook de volgende tien procent van de bevolking aan het sporten te krijgen, in lijn met de sportieve ambities. Een grote variëteit aan sport- en beweegmogelijkheden in de buurten is hiervoor van wezenlijk belang. Dit kan in de openbare ruimte (zie verderop) en door actief de samenwerking te zoeken met commerciële en sociale sportondernemers. Maar ook door de georganiseerde buitensport plaats te bieden midden in de wijken. Gelet op de schaarse ruimte vraagt dit om compacte (stedelijke) sportparken. Deze dienen echter wel ontworpen en ingericht te worden vanuit het perspectief en het volume van gebruikers. Voorkomen moet worden dat gereserveerde kavels uiteindelijk niet aansluiten bij de sportbehoefte in die omgeving. De verwijzing naar kleinschalige sport- en speelvoorzieningen in de woonomgeving (p.193) baart ons in dit licht zorgen. Dit sluit onvoldoende aan bij de behoefte aan een degelijke basis van sportinfrastructuur, waar in Amsterdam ook nu al een grote druk op staat. Met het huidige Ontwerp Omgevingsvisie 2050 lijkt deze druk eerder groter dan kleiner te worden. Dat zou een gemiste kans zijn en zelfs bedreigend voor de toekomstige sportparticipatie. De Sportraad ziet daarom graag dat per type sportpark een meer concrete uitwerking en inrichting wordt toegevoegd. Hier hoort ook een visie bij op de verschillende soorten sportaanbieders die we willen bedienen.

Breder sportaanbod

Als hoofdstad en grootste stad van het land heeft Amsterdam de verantwoordelijkheid om een diversiteit aan sporten te huisvesten. Het vervult daarmee tevens een belangrijke grootstedelijke functie in de regio. De focus op de top tien sporten in de Ontwerp Omgevingsvisie is dan ook te beperkt. Om nog meer Amsterdammers te inspireren en stimuleren om in beweging te komen is het belangrijk dat iedereen de sport van zijn of haar keuze kan beoefenen. Dit doet Amsterdam enerzijds door nieuwe (organisatie)vormen van sport te stimuleren zich hier te vestigen en ze te faciliteren. Op deze manier dragen we bij aan modernisering van het sportaanbod. Anderzijds betekent dit ook dat we ervoor zorgen dat de basis infrastructuur in tact blijft. Dit betekent dat de stad - naast voldoende tennisbanen, hockeyvelden en voetbalvelden – ook voorziet in de vraag naar bijvoorbeeld honkbal, rugby, korfbal, atletiek en zorgt dat dit verspreid over de stad georganiseerd kan worden.

Tekstsuggestie:

Daarbij zorgen we voor voldoende faciliteiten voor alle sporten die behoren tot de basisinfrastructuur en gaan we actief op zoek naar sportaanbieders die de diversiteit aan sporten verder vergroten en helpen ze om zich in onze stad te vestigen.

Sport en groen integreren

Zo lang de stad nalaat om alle sport binnen de grenzen van nieuwe ontwikkelgebieden te realiseren, ontkomen we er niet aan sportaccommodaties in te passen in het groen. De Omgevingsvisie noemt dit aantrekkelijk vormgegeven sport- en beweeglandschappen (of landschapsparken) en omschrijft het uitgebreid, maar abstract. De Sportraad is van mening dat het mogelijk is om sportfuncties in het groen te integreren en dat het elkaar kan versterken. Hier zijn echter wel duidelijke keuzes voor nodig en vasthoudendheid van bestuurders en beleidsmakers. Het toevoegen van gebruiksgroen aan parken of scheggen heeft immers onherroepelijk invloed op de groenwaarden en leidt vaak tot verzet met uitstel of zelfs afstel tot gevolg (zie Diemerpark). Dit gaat ten koste van de sportbehoeften van onze inwoners en dient voorkomen te worden.

Sportverenigingen laten groeien

Meer dan de helft van alle Amsterdamse kinderen tot 17 jaar is lid van een sportvereniging en het aandeel Amsterdammers dat bij een vereniging sport groeit in vrijwel alle leeftijdscategorieën al jaren gestaag door.6 Bovendien zorgen verenigingen voor ontmoeting en verbinding, activeren ze sociaal kapitaal en zorgen ze voor waardevolle sociale structuren in de wijken en buurten. De buitensportfaciliteiten waar een deel gevestigd is, brengen afwisseling en ademruimte in wijken en buurten. Ze binden gezinnen, bevorderen de leefbaarheid en zelfs de waarde van het vastgoed. Verenigingen zijn kortom een essentieel onderdeel van het stedelijk weefsel, zowel sociaal als fysiek. Amsterdam zou ze moeten koesteren en helpen groeien, om te beginnen door ze te vestigen op aantrekkelijke en centraal gelegen locaties in de nieuwe ontwikkelgebieden.

Tekstsuggestie:

We benutten de kracht van verenigingen optimaal, omdat we waarderen wat ze betekenen voor de stad. Bij de inrichting van nieuwe wijken ruimen we voldoende plaats in voor nieuwe verenigingen om zo de samenhang en verbondenheid in de wijk te vergroten.

Echt aandacht voor openbare ruimte

De openbare ruimte moet aanzetten tot bewegen. Voor iedereen, op ieder niveau. De Omgevingsvisie besteedt hier weliswaar aandacht aan in de vorm van verkeersveiligheid en infrastructuur, maar dat is niet genoeg. Een integrale benadering is nodig, zoals dat bijvoorbeeld is geprobeerd met De Bewegende Stad. Veel van de ideeën hieruit zijn waardevol, maar worden in de praktijk te weinig toegepast. Om een omgeving te creëren die echt gezondheidsbevorderend werkt moet ook aandacht besteed worden aan bijvoorbeeld de sociale veiligheid (inrichting van de plinten, verlichting) en de beloopbaarheid van de wijk. Hiervoor is een netwerk kleinschalige (sport)voorzieningen nodig. Denk daarbij aan buurtvoorzieningen als kleine trapveldjes (met programma), rails en ramps voor skaters, waterfonteintjes op de pleinen, klimrekken of blokken om vanaf te springen. Door deze te koppelen aan fijne of functionele bestemmingen ontstaat ontmoeting wat de onderlinge samenhang bevordert en de sociale veiligheid verder vergroot.

Gezinnen behouden

Jonge gezinnen verlaten al jarenlang in grote getale de stad. Daar liggen meerdere factoren aan ten grondslag, zoals bijvoorbeeld de steeds krapper wordende woningmarkt. Een ander veelgehoord argument om de stad te verlaten is het gebrek aan buitenruimte – een tuin – of een veilige omgeving voor jonge kinderen om buiten te spelen7. Nu de stad verder zal verdichten moeten we ons meer dan ooit afvragen wat dit gaat betekenen voor opgroeiende kinderen. Een heldere visie op - en opvolging in de praktijk van - alle bovenstaande punten gaat bijdragen aan een leefbaarder en duurzamer Amsterdam voor de jeugd.

3. Ruimtelijke vertaling

De druk op de schaarse ruimte in Amsterdam is nu al enorm en zal alleen nog maar verder toenemen8. Door functies en behoeften te combineren kan efficiënter met de ruimte worden omgegaan. Tegelijkertijd ontkomt de gemeente er niet aan om ook keuzes te maken. Dit doet de Ontwerp Omgevingsvisie nog onvoldoende. Neem als voorbeeld:

In het stedelijk gebied wordt sport zo efficiënt mogelijk ingepast. De omzoming biedt ruimte voor natuurlijk groen met ecologische waarde. In de landschapsparken is de inpassing ruimer en is minder plek voor traditionele sportvelden (p.93)

Hiermee lijkt eigenlijk te worden gezegd dat nergens plaats is voor uitbreiding van de basis sportinfrastructuur9, terwijl dit juist de plaats is waar kinderen hun sportcarrière starten, waar Amsterdammers in grote getalen vrijwilligerswerk verrichten en waar lokale sociale structuren groeien. Om te voorkomen dat de stad straks opgezadeld zit met te veel, te kleine, versnipperde sportlocaties moeten duidelijke keuzes gemaakt worden, inclusief de ruimtelijke vertaling. Dit geldt niet alleen voor de basis sportinfrastructuur. De Omgevingsvisie behoort te laten zien hoe, waar en op welke wijze alle sportieve doelstellingen een plaats krijgen in de stad. De Sportraad ziet graag de volgende kaarten terugkomen:

  • Overzicht van alle bestaande sportparken, inclusief hun verzorgingsgebied;
  • Overzicht van alle bestaande zwembaden (binnen en buiten), inclusief hun verzorgingsgebied;
  • Raamwerk van alle bestaande hardloop- en fietsroutes en de wijze waarop ze onderling verbonden (kunnen) worden;
  • Zoeklocaties voor de verschillende soorten sportvoorzieningen, concreet afgezet tegen de sportnorm in de betreffende stadsdelen/windrichtingen;
  • Netwerk van kleinschalige sportvoorzieningen per buurt.

4. De sport doet alsnog mee

Bij het maken van de Omgevingsvisie zijn uiteenlopende groepen Amsterdammers gehoord (p. 23). De auteurs van de Ontwerp Omgevingsvisie stellen nadrukkelijk te hebben gekozen voor het horen en betrekken van diverse partijen. Zo zijn (of worden) onder andere samenwerkingen opgetuigd met de Sociaal Creatieve Raad, de kinderraad, de WomanMakeTheCity-adviesraad en met culturele ondernemers, kunstenaars en stadslandbouwers. De Sportraad juicht deze participatietrajecten toe en vindt het daarom des te moeilijker te bevatten dat in het hele traject niet met deskundigen en/of vertegenwoordigers uit de sport is gesproken. De vervlechting van sport en bewegen in het dagelijks leven van heel veel Amsterdammers is aanzienlijk. De (preventieve) rol die het kan spelen in een gezonde stad is evident. Als we het nu zorgvuldig aanpakken kunnen we aantrekkelijk, leefbaar en gezond Amsterdam creëren waar vele generaties profijt van hebben. Het is daartoe essentieel dat op hele korte termijn alsnog een groep (ervarings)deskundigen uit de sport wordt uitgenodigd om mee te denken en de mogelijkheid wordt geboden sport en bewegen over de hele linie te integreren in de Omgevingsvisie. De Sportraad stelt graag zijn netwerk beschikbaar om tot een evenwichtige groep experts, aanbieders en gebruikers te komen. Daarnaast verwachten we dat vanaf heden afgevaardigden uit de sport en experts op het gebied van gezondheid en bewegen nauw betrokken worden bij de trajecten van het Samen stadmaken.

De Sportraad Amsterdam hoopt met deze zienswijze een bijdrage te leveren aan de ruimtelijke ontwikkeling van een aantrekkelijk en leefbaar Amsterdam. Uiteraard zijn wij altijd bereid om een nadere toelichting te verschaffen of meer in detail mee te denken.

Met vriendelijke groet,

drs. A.G.M. Telleman
Voorzitter
SPORTRAAD AMSTERDAM

Voetnoten

  1. Zie: https://www.amsterdam.nl/sociaaldomein/blijven-wij-gezond/programma-amsterdamse-aanpak-gezond/ ↩

  2. Gfk (2018). Sportdeelname index Amsterdam meting april 2018. ↩

  3. Ibidem & Gemeente Amsterdam (2019). Gewicht en leefstijl van kinderen. ↩

  4. Sportraad Amsterdam (2019). Inventarisatie sport in ontwikkelgebieden. ↩

  5. Hoekman, R. (2018). Sport policy, sport facilities and sport participation ↩

  6. Holaind, N., Goedemans, N., Bosveld, W. (2017). Sportmonitor 2017: inzicht in het sportgedrag van Amsterdammers ↩

  7. Zie https://www.nul20.nl/dossiers/jong-gezin-kiest-vaker-voor-regio ↩

  8. Zie https://www.parool.nl/amsterdam/meer-hoogbouw-en-nieuw-groen-zo-ziet-amsterdam-er-in-2050-uit~bd1f81bee/ ↩

  9. Onder basis sportinfrastructuur verstaat de Sportraad gevestigde georganiseerde buitensporten als voetbal, hockey, tennis, honkbal, atletiek, rugby. ↩

Dit is de integrale tekst van het advies, overgenomen uit de PDF. Alleen de opmaak is aangepast voor het lezen op het scherm.

Praat mee

Heb je een tip of idee voor een advies?

De Sportraad luistert naar de stad. Is je iets opgevallen, of heb je een vraag of tip? Stuur ons gewoon even een bericht.