Sport & gezondheid

Advies Anders Georganiseerde Sport

Advies Anders Georganiseerde Sport

Anders georganiseerde sportaanbieders voorzien evenzeer in de sportbehoefte van Amsterdammers en verdienen een volwaardige plek in het gemeentelijk sportbeleid.

In het kort

  • Een grote verscheidenheid aan organisaties biedt sport aan in Amsterdam, waaronder veel anders georganiseerde aanbieders.
  • Deze aanbieders voorzien evenzeer in de sportbehoefte als traditionele clubstructuren.
  • Zij dragen bij aan de gemeentelijke (sport)doelstellingen.
  • Neem anders georganiseerde sport als volwaardig onderdeel op in het gemeentelijk sportbeleid.

De Sportraad Amsterdam adviseert op eigen initiatief over de plek van anders georganiseerde sportaanbieders in het gemeentelijk sportbeleid. De raad stelt vast dat een grote verscheidenheid aan organisaties sport aanbiedt in de stad, onder wie veel anders georganiseerde aanbieders.

Deze aanbieders voorzien evenzeer in de sportieve behoeften van Amsterdammers als de traditionele clubstructuren en leveren een bijdrage aan de gemeentelijke (sport)doelstellingen.

De raad benadrukt daarom dat anders georganiseerde sport als volwaardig onderdeel moet worden opgenomen in het gemeentelijk sportbeleid, en doet aanbevelingen voor verdere integratie van deze organisaties in het officiële beleid.

Het volledige advies

17 min leestijd 20 pagina's

Advies Anders Georganiseerde Sport

23 april 2015

Wie wij zijn

De Sportraad Amsterdam is een onafhankelijk adviesorgaan dat door de gemeenteraad in 1952 in het leven is geroepen om te adviseren over de hoofdlijnen van het sportbeleid in Amsterdam.

Adviesonderwerpen

De Sportraad adviseert over elk terrein betreffende de sport, het sportbeleid en de organisatie van sport. De Sportraad zet zich actief in voor het bevorderen van sport in Amsterdam in al zijn veelzijdigheid. Zeker wanneer het stadsbrede beleidsonderwerpen zoals ruimtelijke ordening, verenigingen, jeugd, aanbieders, sportstimulering, evenementen, topsport, economie of Olympische ambitie betreft.

Wanneer adviseren wij?

  1. Het college van burgemeester en wethouders en gemeenteraadsleden van de centrale stad en bestuurders en leden van de bestuurscommissies kunnen zich wenden tot de Sportraad Amsterdam voor advies.
  2. De Sportraad Amsterdam werkt onafhankelijk, hanteert een eigen a-politieke agenda en hecht veel waarde aan zijn signaleringsfunctie. De hieruit voortkomende ongevraagde adviezen zijn naar onze mening van groot belang voor de sport in Amsterdam.

Samenwerking

De Sportraad Amsterdam is lid van de Amsterdam Economic Board (www.amsterdameconomicboard.com).

Samenvatting

Tegenwoordig biedt een grote verscheidenheid aan organisaties sport aan in Amsterdam, onder hen ook veel anders georganiseerde aanbieders. Net als de traditionele aanbieders voorzien zij in sportieve behoeften van Amsterdammers en leveren zodoende een bijdrage aan gemeentelijke (sport)doelstellingen. Het ligt naar mening van de Sportraad daarom voor de hand om ook met deze groep op constructieve wijze samen te werken en ze als volwaardig onderdeel op te nemen in het gemeentelijk sportbeleid. Onderstaande aanbevelingen kunnen de verdere integratie van de anders georganiseerde sport in het sportbeleid helpen vormgeven.

  1. De Sportraad adviseert het Sportloket spoedig in te voeren en deze ook in te richten als eigentijds servicepunt voor anders georganiseerde sportaanbieders en hun deelnemers.
  2. De Sportraad adviseert de sportstimuleringsprogramma’s mede in samenwerking met AGS-aanbieders te ontwikkelen en daarbij een gelijker speelveld te creëren voor alle sportaanbieders.
  3. De Sportraad adviseert de mogelijkheden om te sporten via het Jeugdsportfonds te verbreden door ook samenwerking met anders georganiseerde sportaanbieders te zoeken.
  4. De Sportraad adviseert de sportieve behoeften ten aanzien van de openbare ruimte in kaart te brengen om zo de uitwerking van ‘de stad als speelveld’ optimaal te realiseren.
  5. De Sportraad adviseert een Sportloods aan te stellen en deze onder te brengen bij het Sportloket.

Inleiding

De wijze waarop Amsterdammers invulling geven aan hun sport- en beweegbehoefte wordt steeds gevarieerder. Kon je vroeger niet veel meer dan kiezen tussen een potje voetbal of een rondje hardlopen, tegenwoordig is het aanbod zo divers dat je op vrijwel ieder moment van de dag ergens in de stad terecht kan voor een uurtje beweging van jouw gading. Dat hier volop gebruik van gemaakt wordt, blijkt onder meer uit de Sportmonitor1 en sluit aan bij bredere maatschappelijke trends als individualisering, consumentisme en een toenemende behoefte aan flexibiliteit. Trends die niet alleen de sportbeoefening zelf beïnvloeden, maar ook de wijze waarop deze beoefening georganiseerd wordt. Want ook de verbanden waarin we sporten worden gevarieerder en beperken zich niet langer tot de sportvereniging of commerciële sportschool. Met name ondernemende sportaanbieders lijken effectief in te spelen op het veranderend sportgedrag alsmede op de gewenste flexibiliteit. Het eigentijdse aanbod dat hieruit voortkomt kan rekenen op een groeiend aantal beoefenaars.

Deze ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat inmiddels een grote verscheidenheid aan organisaties sport aanbiedt in Amsterdam. Dit kan variëren van stichtingen tot ZZP’ers en van sociale entrepreneurs tot digitale platforms. Wat vrijwel al deze alternatieve organisatieverbanden echter gemeen hebben, is dat zij mensen samenbrengen om te sporten. Daarmee voorzien zij naar mening van de Sportraad in een belangrijke behoefte in Amsterdam en vormen ze inmiddels een belangrijk onderdeel van het sportieve landschap in onze stad. Tot onze tevredenheid wordt dit ook onderkend door het huidige college getuige de volgende passage uit het coalitieakkoord: “[…] Dit geldt niet alleen voor traditionele sporten, maar juist ook voor nieuwe vormen, die sterk in populariteit toenemen en vragen om andere steun van de gemeente.” Met dit advies vraagt de Sportraad vooreerst aandacht voor deze groep anders georganiseerde sportaanbieders.

De erkenning van het veranderende sportlandschap door het stadsbestuur is naar mening van de Sportraad niet alleen een belangrijke stap op weg naar een meer eigentijds gemeentelijk sportbeleid, maar ook een stevige aanmoediging voor de anders georganiseerde sport (AGS). Hoewel vooralsnog wellicht symbolisch, hecht de Sportraad eraan het belang van deze passage uit het coalitieakkoord te benadrukken. Gemeentelijke erkenning en waardering zijn voor de anders georganiseerde sport misschien wel net zo belangrijk als het wegnemen van bureaucratische belemmeringen of het moderniseren van beleidsmaatregelen. Bovendien blijkt een groot deel van hen erg gemotiveerd om (samen met de gemeente) nieuwe sportieve initiatieven te ontwikkelen. Het ligt wat ons betreft voor de hand om ook met deze groep op constructieve wijze samen te werken en ze intensiever te betrekken bij de ontwikkeling en de uitvoering van het gemeentelijk sportbeleid.

Aanbevelingen

De Sportraad adviseert ook anders georganiseerd sportaanbod als volwaardig onderdeel op te nemen in het gemeentelijke sportbeleid.

Het uitgangspunt van het gemeentelijk sportbeleid is om zoveel mogelijk Amsterdammers in beweging te krijgen. Natuurlijk omdat het in de eerste plaats leuk is en de gezondheid en vitaliteit van de inwoners bevordert, maar ook omdat sport kan bijdragen aan de realisatie van tal van andere maatschappelijke doelstellingen. Denk bijvoorbeeld aan het bevorderen van weerbaarheid, welzijn of sociale cohesie. Deze positieve neveneffecten komen grotendeels voort uit de essentie van sport. Het is immers gezond, leert je omgaan met winst en verlies en leidt in veel gevallen tot ontmoeting. Dit geldt voor vrijwel alle soorten van sportbeoefening. Ongeacht het verband waarin het plaats vindt of de organisatievorm die daar achter schuil gaat, brengt ons stedelijk sportaanbod dagelijks vele Amsterdammers in beweging met tal van positieve effecten tot gevolg.

Het fundament onder dit aanbod wordt al decennialang gevormd door de sportverenigingen, zeker wat de jeugd betreft. Het alternatieve aanbod door de anders georganiseerde aanbieders van sport is echter inmiddels ook uitgegroeid tot een essentieel segment van de sport in Amsterdam. Tezamen vormen zij het Amsterdamse sportlandschap en helpen zij het hoofddoel van het gemeentelijk sportbeleid - zoveel mogelijk Amsterdammers een actief bestaan te bezorgen (optimale sportparticipatie) - realiseren. De anders georganiseerde aanbieders zijn daarbij een welkome aanvulling, omdat zij een aanzienlijke groep Amsterdammers bereiken die zich niet aangesproken danwel aangetrokken voelen door (de organisatievorm van) het klassieke sportaanbod. Naar mening van de Sportraad creëert een meer ontvankelijke houding ten opzichte van de anders georganiseerde sport daarom een veelheid aan nieuwe mogelijkheden waarvan zowel de sport, de sporter als het sportbeleid en de economie in Amsterdam profiteert. Met onderstaande aanbevelingen doet de Sportraad u alvast een vijftal suggesties die de verdere integratie van de anders georganiseerde sport in het sportbeleid kunnen helpen vormgeven.

Organisatie

1) De Sportraad adviseert het Sportloket spoedig in te voeren en deze ook in te richten als eigentijds servicepunt voor anders georganiseerde sportaanbieders en hun deelnemers.

Anders georganiseerde sportaanbieders ondervinden vaak nog moeite in het bereiken van (de juiste persoon/instantie binnen) de overheid of stuiten op een voor hen onoverzichtelijke dienstverlening. Nieuwe initiatieven in de sport komen zo niet of niet volledig tot uitvoering wat ten koste gaat van het sportaanbod en daarmee ook de sportparticipatie in Amsterdam. De Sportraad is daarom verheugd dat de gemeenteraad voornemens is het Sportloket in te voeren.2 Het belangrijkste doel van dit loket is het verbeteren van de communicatie tussen de sportwereld en de overheid. Het Sportloket is wat ons betreft daarom ook zeker niet alleen bedoeld voor de individuele sporter, maar nadrukkelijk ook voor sportaanbieders, waaronder die van anders georganiseerde sport. Voor hen heeft het loket bovendien meer dan alleen een informatie- en adviesfunctie. Uiteraard moeten zij bij het loket terecht kunnen met vragen over de meest uiteenlopende onderwerpen zoals regelgeving, accommodaties, subsidies. Daarnaast echter dient het loket hen zo veel en actief mogelijk te begeleiden in hun contacten met alle verschillende (lokale) overheidsinstanties. De medewerkers van het Sportloket zijn bekend met de (on)mogelijkheden van de ambtelijke wereld en helpen de sport hier de beste weg in te vinden. Het is derhalve essentieel dat het Sportloket een uiterst dienstverlenende instelling wordt met als voornaamste doel de sport in Amsterdam zo optimaal mogelijk te faciliteren. Dat kan alleen maar door zich ook volledig open te stellen voor de anders georganiseerde sport en hen, waar nodig en mogelijk, te adviseren, faciliteren en begeleiden.

Sportstimulering

2) De Sportraad adviseert de sportstimuleringsprogramma’s mede in samenwerking met AGS-aanbieders te ontwikkelen en daarbij een gelijker speelveld te creëren voor alle sportaanbieders.

Anders georganiseerde sport is een verzamelnaam voor een zeer diverse groep sportaanbieders. En hoewel de organisatievorm onderling kan verschillen, heeft deze groep ook een aantal overeenkomsten. De belangrijkste is misschien wel dat veruit de meeste van hen aanbod op meer structurele en professionele wijze zijn gaan organiseren, omdat zij simpelweg worden gedreven door een persoonlijke passie voor een specifieke tak van sport. Het verspreiden van deze passie is vaak al een belangrijk doel op zich. Hierdoor zijn deze aanbieders constant bezig nieuwe mensen te enthousiasmeren voor hun sport en hen te stimuleren hieraan deel te nemen. In vrijwel alle gevallen doen zij dit zonder enige vorm van overheidsbemoeienis. Tegelijkertijd is een deel van hen natuurlijk ook gewoon economisch afhankelijk van het vergroten van de sportdeelname. Dit hoeft naar mening van de Sportraad samenwerking met de gemeente echter niet in de weg te staan. Zo lang de balans tussen maatschappelijke investeringen en commercieel rendement bewaakt wordt, biedt dergelijke samenwerking juist veel nieuwe kansen waar zowel de sport als de stad van kan profiteren. Eenvoudig gesteld, leveren commerciële sportaanbieders enerzijds een (belangrijke) bijdrage aan het doel van optimale sportparticipatie in de stad en anderzijds realiseren zij een belangrijk economisch effect in het scheppen van werkgelegenheid. Dit zijn belangrijke maatschappelijke effecten die serieuze overheidsondersteuning rechtvaardigen.

De Sportraad adviseert dan ook deze groep aanbieders intensiever te betrekken bij de ontwikkeling en uitvoering van het gemeentelijk sportbeleid. Vooreerst omdat wij constateren dat een grote meerderheid van hen bereid en enthousiast is om een bijdrage te leveren aan verbreding en vernieuwing van het maatschappelijk sportaanbod. Daarnaast zijn wij ervan overtuigd dat zij een grote meerwaarde kunnen hebben, zeker op het gebied van sportstimulering. Amsterdammers stimuleren om (meer) te gaan sporten is voor hen in feite een belangrijke bestaansvoorwaarde. Hierdoor is deze groep aanbieders bij uitstek in staat vormen van sport te ontwikkelen en aan te bieden die mensen er toe aanzetten om te gaan sporten, juist ook in de wijk. Niet alleen spelen ze goed in op de actuele behoeften van (potentiële) sporters, ook zijn ze bereid om zowel vorm als inhoud van de sportbeoefening regelmatig kritisch tegen het licht te houden. Dat zij daarbij doorgaans niet gebonden zijn aan door een overkoepelende bond opgestelde regels, maakt het voor hen bovendien makkelijker om deze - waar nodig - aan te passen. Vernieuwing in de sport komt dan ook veelal uit deze hoek.

De Sportraad is ervan overtuigd dat deze kennis en ervaringen - in combinatie met de ondernemingsgeest die deze groep aanbieders doorgaans kenmerkt - kunnen bijdragen aan goedkopere, innovatievere en effectievere sportstimuleringsactiviteiten. En dus tot een toename van de sportparticipatie in onze stad. Dat deze sporten en sportaanbieders tot slot ook worden herkend als einddoel van de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s creëert een gelijker speelveld en komt de diversiteit en effectiviteit van het stedelijk sportaanbod ten goede.

3) De Sportraad adviseert de mogelijkheden om te sporten via het Jeugdsportfonds te verbreden door ook samenwerking met anders georganiseerde sportaanbieders te zoeken.

Een ander belangrijk onderdeel van de gemeentelijk sportstimulering is de bijdrage aan het Jeugdsportfonds dat kinderen financiële ondersteuning biedt om te kunnen sporten. Het Jeugdsportfonds werkt voornamelijk samen met verenigingen die zijn aangesloten bij NOC*NSF. Aangezien de gemeente Amsterdam een belangrijke financier is van het Jeugdsportfonds Amsterdam en als doel heeft zoveel mogelijk Amsterdamse jongeren de mogelijkheid te bieden een sport te kunnen beoefenen, meent de Sportraad dat het zinvol is het aanbod van aangesloten sporten te verbreden. De sportieve wensen en behoeften van Amsterdamse jongeren zijn immers zeer divers en juist een aantal, onder Amsterdamse jongeren populaire sporten komt nu nog niet in aanmerking voor financiële ondersteuning door het Jeugdsportfonds. De Sportraad zou daarom graag zien dat de gemeente en het Jeugdsportfonds met elkaar verkennen wat de mogelijkheden zijn om samen met de aanbieders van anders georganiseerde sport invulling te geven aan verbreding van het aanbod.

Accommodaties

4) De Sportraad adviseert de sportieve behoeften ten aanzien van de openbare ruimte in kaart te brengen om zo de uitwerking van ‘de stad als speelveld’ optimaal te realiseren.

Bovengenoemd Sportloket is de ideale plaats om alle aandachts- en verbeterpunten voor de sport in Amsterdam te verzamelen, te beoordelen en eventueel te benutten voor de formulering van nieuw beleid. Dit geldt onder meer ten aanzien van de gemeentelijke binnen- en buitensportaccommodaties, maar zeker ook voor de openbare ruimte.3 Meer dan veertig procent van alle sporters doet dit inmiddels ook in deze openbare ruimte . Ook steeds meer sportaanbieders zijn (noodgedwongen) hier op aangewezen voor hun sportbeoefening, niet in de laatste plaats omdat er voor hen niet altijd plaats is in de drukbezette gemeentelijke sportaccommodaties of omdat zij in de hoge tariefcategorie vallen. Zo wordt de openbare ruimte een steeds belangrijker en niet meer weg te denken onderdeel van de stedelijke sportinfrastructuur.

Dat het college onder het motto ‘de stad als speelveld’ heeft aangekondigd opnieuw te gaan investeren in een sportieve openbare ruimte, kan daarom ook op onze instemming rekenen. De grootste uitdaging daarbij ligt in de wijze waarop hier invulling aan wordt gegeven. Belangrijk is dat bij inrichting van de openbare ruimte de kennis en ervaring binnen het sportieve domein en met name van de eindgebruikers gekoppeld wordt aan de beleidsmakers van het ruimtelijke domein. Dit helpt voorkomen dat goed bedoelde investeringen onvoldoende aansluiten bij de daadwerkelijke sportieve behoeften van de gebruikers. Juist omdat deze groep sporters geen overkoepelende aanspreekpunten of vertegenwoordiging kent, is het verleidelijk en begrijpelijk om investeringen te baseren op de wensen en ervaringen van een selectief groepje sporters. Om de effectiviteit van de investeringen te vergroten adviseert de Sportraad daarom de sportieve behoeften ten aanzien van de openbare ruimte nauwkeurig in kaart te brengen. Hierbij dient rekening te worden gehouden met verschillen in behoeftes tussen gebruikers uit verschillende delen van de stad.

Ook hier ligt samenwerking met de anders georganiseerde sport voor de hand. Ten eerste bezitten zij - als structureel sportieve gebruikers van de openbare ruimte - zelf natuurlijk een schat aan ervaringen en ideeën die benut kunnen worden. Daarnaast staan zij op hun beurt weer in contact met talloze individuele sporters die van hun aanbod in de openbare ruimte gebruik maken. Een aantal van hen maakt tot slot bovendien intensief gebruik van technologische hulpmiddelen ter ondersteuning van het sporten. De data die zij hiermee verzamelen bevat uiterst waardevolle informatie die veel inzicht kan verschaffen in het sportief gebruik van de stedelijke omgeving. Uiteraard worden dit soort hulpmiddelen zoals mobiele applicaties eveneens door veel andere sporters gebruikt. Het is naar mening van de Sportraad zinvol om te onderzoeken in hoeverre de gemeente deze informatie mag en kan inzetten ten behoeve van de modernisering van het sportbeleid. Tot slot zou ook de gemeente zelf het gebruik van praktische technologische toepassingen kunnen bevorderen om gewenste data te verzamelen. Dit zal tevens bijdragen aan een eigentijds sportklimaat en zo zal ‘de stad als speelveld’ blijven functioneren.

BTW voor sport in de openbare ruimte

Sportaanbieders die gebruikmaken van de openbare ruimte geven invulling aan een sportief straatbeeld in onze stad én drukken niet op de volle sportaccommodaties. Sportaanbieders in de openbare ruimte kunnen echter geen gebruik maken van het voor de sport ingestelde voordeel op BTW afdracht. De meeste sportaanbieders die een eigen sportaccommodatie, of die een (gemeentelijke) sportaccommodatie in gebruik hebben, kunnen wel gebruik maken van een BTW voordeel. Voor hen geldt dat de af te dragen omzetbelasting over het sportaanbod 6% bedraagt en zij hun voorbelasting, die meestal 21% is, mogen aftrekken. Zoals staat beschreven in het onlangs gewijzigde Sportbesluit,4 geldt dit belastingvoordeel alleen als de ruimte waarin gesport wordt gereserveerd is voor sportbeoefening óf als de sportbeoefening begint en eindigt in een sportaccommodatie. Voor de meeste outdoor bootcampclubs en hardloopgroepjes is beide niet het geval en zijn zij dus gebonden aan het hoge 21% BTW tarief. Dit terwijl zij minstens net zo veel Amsterdammers in beweging brengen als hun collega’s in de sporthal. Het verschil van 15% wordt doorgerekend naar de sporter, waardoor er eigenlijk een oneerlijk speelveld wordt gecreëerd.

Een deel van het probleem wordt ondervangen als de (gemeentelijke) sportaccommodaties nog meer in bruikleen worden opengesteld voor sportaanbieders die na het tekenen van een gebruikersovereenkomst actief kunnen zijn op of vanaf een sportaccommodatie. Een iets grotere opgave, maar een wellicht interessante suggestie zou zijn om het BTW voordeel niet te koppelen aan het accommodatiegebruik, maar om het Sportbesluit in te richten naar de sportactiviteit. Alle sportaanbieders die gelegenheid geven tot sportbeoefening zouden dan ook gebruik moeten kunnen maken van het lagere BTW tarief.

5) De Sportraad adviseert een Sportloods aan te stellen en deze onder te brengen bij het Sportloket.5

De Sportloods (vergelijk de hotelloods, stadsloods en kantorenloods) staat partijen bij in hun zoektocht naar een geschikte ruimte in Amsterdam voor het aanbieden van sportieve activiteiten. Hij is zichtbaar voor iedereen in en om de sport, brengt sporters, sportaanbieders, overheden, (vastgoed)eigenaren en ontwikkelaars met elkaar in contact en bemiddelt teneinde het sportieve gebruik van ruimte te bevorderen. Zijn werkzaamheden sluiten hiermee uitstekend aan bij het gevoerde Amsterdamse beleid om panden te transformeren en leegstand tegen te gaan. Dankzij de huidige centralisatie van de verhuur van sportaccommodaties is de Sportloods op de hoogte van de mogelijkheden binnen de bestaande gemeentelijke infrastructuur. Hierdoor is hij in staat de bezetting te intensiveren. Waar nodig gaat hij actief op zoek naar sportaanbieders die vrije uren kunnen opvullen. Uiteraard maakt hij daarbij geen onderscheid tussen soorten aanbieders, maar is voor hem de sportieve activiteit leidend. Als eerste aanspreekpunt voor alle aanbieders kijkt hij bovendien verder dan de traditionele sportinfrastructuur. De Sportloods fungeert als een makelaar voor sportaanbieders, zoekt voortdurend naar creatieve sport- en beweegoplossingen voor leegstaande panden en gebieden en stimuleert op die manier innovatie van het sportaanbod. Bovendien kan hij ook nog eens gericht sturen op het aanpassen of vergroten van het sportaanbod in delen van de stad waar dat wenselijk wordt geacht.

Sportieve broedplaatsen: de gezonde oplossing voor leegstand

In de sport zijn start-ups, net als in veel andere sectoren, steeds meer in ontwikkeling. Dit zijn beginnende ondernemingen die vanuit een innovatie- en gezondheidsgedachte veel bijdragen aan de ontwikkeling in de sport. Dit soort bedrijven hebben vaak een betaalbare locatie nodig zonder dat er veel eisen aan worden gesteld. Zij zouden zeer gebaat zijn bij tijdelijke locaties in leegstaande panden. Oude bedrijfspanden en loodsen bieden vaak ruimte om (kleinschalig) sport aan te bieden. Zo kunnen, vergelijkbaar met creatieve broedplaatsen, sportieve broedplaatsen ontstaan met een eigentijds en innovatief sportaanbod. Deze flexibele accommodaties passen goed bij de huidige individuele tijdsgeest waarbij burgers minder behoefte hebben aan vastigheid en meer behoefte hebben aan het flexibel beheren van hun eigen agenda. Bovendien worden de sportaccommodaties in de stad op een goedkope en eenvoudige manier uitgebreid en neemt tevens de leegstand af.

SPORTRAAD AMSTERDAM

mr. drs. R.D. Geerlings
Voorzitter

drs. A. Telleman
Voorzitter werkgroep AGS

Voetnoten

  1. Dienst Onderzoek & Statistiek, Sportmonitor 2013 ↩

  2. Gemeente Amsterdam: Advies Herinrichting Sport (augustus 2014) ↩

  3. SCP, Rapportage sport 2014, Tiessen-Raaphorst, A. red. (2015) ↩

  4. Meest recente herziening Sportbeleid nr. BLKB2014/123M , september 2014 ↩

  5. Een meer uitgebreide beschrijving van de mogelijkheden van dergelijke Sportloods wordt opgenomen in het advies van de Sportraad over het Sportaccommodatieplan. Dit advies wordt verwacht in mei 2015. ↩

Dit is de integrale tekst van het advies, overgenomen uit de PDF. Alleen de opmaak is aangepast voor het lezen op het scherm.

Praat mee

Heb je een tip of idee voor een advies?

De Sportraad luistert naar de stad. Is je iets opgevallen, of heb je een vraag of tip? Stuur ons gewoon even een bericht.